Smeerolie voor de nieuwe Wet verplichte ggz

Op 1 januari 2020 wordt de nieuwe Wet verplichte ggz van kracht, die de rechten waarborgt van mensen die verplichte zorg nodig hebben. Voor het zover is, moet een berg werk worden verzet. Cruciaal in de voorbereiding is dat de neuzen van alle betrokken partijen – politie, VNG en gemeenten, GGD, het Openbaar Ministerie, de rechtspraak, de Inspectie Gezondheidszorg, Mind (landelijk platform voor psychische gezondheid) en de Stichting PvP (vertrouwenspersonen in de zorg) – dezelfde kant op staan. Om de onderlinge informatie-uitwisseling soepel te laten verlopen is het programma Wvggz in het leven geroepen, mét projectteam keteninrichting IV. De projectmanager van dat team is Lost Lemon-consultant John Jhinnoe. Hij zegt vooral als ‘smeerolie’ te fungeren, “zodat iedereen in de keten elkaar op een fatsoenlijke manier van informatie kan voorzien”.

Soms leidt een ernstige psychische aandoening ertoe dat iemand een gevaar voor zichzelf of anderen is. Op dit moment is een verplichte opname in een GGZ-instelling de enige manier om het gevaar weg te nemen. In de nieuwe wet kan die verplichte zorg ook buiten een GGZ-instelling worden opgelegd. Zo is het straks mogelijk verplicht toezicht thuis te laten plaatsvinden en verplichte medicatie  thuis of poliklinisch toe te dienen. Degene die de zorg krijgt, kan dan makkelijker contact blijven onderhouden met familie en vrienden en kan blijven deelnemen aan de samenleving.

Zorg op maat
Verder krijgen zorgverleners straks meer instrumenten om zorg op maat te bieden. En de mensen die verplicht worden behandeld plús hun familie mogen gaan meebeslissen over welke zorg en ondersteuning er moeten komen. Ook wordt straks samen met de gemeente gekeken naar wat er nodig is om iemand te kunnen laten (blijven) meedoen aan het maatschappelijk leven; denk aan woning en werk.

Preventie
De nieuwe wet is bovendien gericht op het voorkómen van verplichte zorg. Als iemand ernstige psychische problemen heeft, is het belangrijk zo vroeg mogelijk met een passende behandeling te starten. Om dat te realiseren moeten alle betrokken partijen en instanties goed samenwerken en signalen van de patiënt én van de familie en omgeving oppikken en serieus nemen. Als zo verplichte behandeling wordt voorkomen, dan wordt zowel de patiënt als de samenleving daar beter van.

Verwarde Piet
Soms is verplichte zorg onvermijdelijk; hetzelfde geldt voor gedwongen opname. We nemen een voorbeeld uit de praktijk. Buurman maakt zich zorgen over het verwarde gedrag van Piet. Buurman doet melding bij het wijkteam. Dat wijkteam valt onder de gemeente. Wijkteam en politie zijn het eerste loket voor een melding. Als er sprake is van een acute dreiging, dan komt de melding vaak binnen bij politie, die dan contact opneemt met de GGZ (GGD). Mogelijk volgt er dan een crisismaatregel (opname in een GGZ-instelling). Bij verwarde Piet is dat niet nodig, het wijkteam pakt de melding op en Piet belandt in een ambulant zorgtraject. In een aantal gevallen start de gemeente een verkennend onderzoek.

Vele spelers
Achter deze werkelijkheid – dat geldt voor elke melding – ligt een web aan ‘informatie-uitwisseling’, waar vele organisaties en instanties een rol in hebben. We noemden al de gemeente (wijkteam), de psychiater en de politie. Als gevreesd werd dat verwarde Piet zichzelf of Buurman iets zou aandoen, dan was hij gedwongen opgenomen en dan waren de officier van justitie, de rechter, de Raad voor de Rechtsbijstand, de stichingPvP, Mind én de GGZ-instelling actief geworden in dat web. Iedereen begrijpt hoe belangrijk het is dat al die partijen elkaar snel en goed informeren, zodat er vlot kan worden geschakeld en de patiënt ook snel de zorg krijgt die hij nodig heeft. Het is een complex proces, waarbij uitwisseling van informatie over de persoon secuur moet gebeuren en zorgvuldigheid dus voorop staat. Vanzelfsprekend, maar niet eenvoudig.

Geen ruis op de lijn
De nieuwe wet kent maar liefst 130 momenten waarop de ketenpartners informatie met elkaar kunnen uitwisselen. John Jhinnoe: “Het is natuurlijk niet eenvoudig, met zoveel betrokkenen. En bij zo’n ingrijpende beslissing om iemand verplichte zorg op te leggen, is zorgvuldigheid – zoals eerder gezegd – een vereiste. De rechtmatigheid en doelmatigheid van zo’n besluit worden dan ook getoetst en als er sprake is van bezwaar en beroep gebeurt dat zelfs meermalen.” Jhinnoe en zijn team doen er alles aan om de informatie-uitwisseling zo adequaat, veilig, doelmatig en proportioneel te laten plaatsvinden. Er zijn workshops georganiseerd waar ketenpartijen erin zijn geslaagd om de informatie-uitwisseling te standaardiseren. Een mooi begin. Want dat verkleint de kans op ruis op de lijn en geeft sneller duidelijkheid – en daarmee rust – aan de patiënt en zijn omgeving.

Bijrijder
Jhinnoe vertelt dat in de keteninformatie duidelijk moet worden (vastgelegd) wíe wát doet en wanneer en waar. Er wordt zorgvuldig bekeken hoe elk document er precies uitziet en/of zou moeten zien, wat er precies wordt gecommuniceerd en bij wie dat terechtkomt en/of zou moeten komen. “De ketenpartners zitten achter het stuur, ik ben de bijrijder die adviseert over de route.” En als Jhinnoe ziet dat de keten nog wat nodig heeft, dan schakelt het team bij.

Nadenken over het vervolg
Er gebeurt meer om te zorgen dat straks alles op rolletjes loopt. Op dit moment worden 26 veiligheidsregio’s bezocht om te oefenen met alle sjablonen en andere informatieproducten. Na de zomer hoopt het projectteam te kunnen gaan oefenen met ICT. En dit voorjaar al is er een inspiratiesessie, waar 500 mensen uit het veld zich in workshops gaan buigen over implementatie en communicatie. Jhinnoe: “We moeten ook al gaan nadenken over hoe we straks verder gaan. Hoe gaan we de output meten? Wie gaat de uitvoering van de nieuwe wet monitoren? Wie zorgt ervoor dat het beveiligingsniveau wordt gehandhaafd? Gelukkig hebben we nog even om de puntjes op i te zetten; het is nog lang geen 1 januari 2020.”

John Jhinnoe
Consultant Lost Lemon

U bent hier