Publicatie Oud geleerd is jong gedaan

De taalvaardigheid van ouders heeft direct invloed op die van hun kinderen. Laaggeletterde ouders hebben moeite met taalstimulering thuis, wat een negatieve impact kan hebben op de geletterdheid van kinderen. Kinderen van wie de ouders niet kunnen ondersteunen in de taalontwikkeling lopen drie keer zoveel risico om later zelf laaggeletterd te worden.

Het consultatiebureau als kansrijke vindplaats

Het krijgen van kinderen is voor veel laaggeletterden een belangrijke motivator om aan de eigen vaardigheden te werken. Met het project ‘Oud geleerd is jong gedaan’ wilden we preventief de kinderen helpen door de basisvaardigheden van laagtaalvaardige ouders te verbeteren. We zetten een wervingsmedewerker in, die gedurende een half jaar een dagdeel per week aanwezig was in de wachtruimte van het consultatiebureau. Doel: laagtaalvaardige ouders herkennen en doorverwijzen.

Uit onze eerdere onderzoeken weten we dat deze aanpak alleen werkt bij laaggeletterden die zich bewust zijn van de eigen beperkte vaardigheden én die daaraan willen gaan werken. Afwachtende laaggeletterden, schrik je mogelijk af. Toch willen we ook die groep bereiken! Omdat we weten dat het volgen van praktisch aanbod waar taal in verweven zit - zoals een digicursus - het zelfvertrouwen kan vergroten en tegelijkertijd de laaggeletterde kan laten beseffen dat zij verder moeten leren, hebben we aanbod ontwikkeld op basis van de behoeften die de wervingsmedewerker bij ouders ophaalde.

De meerwaarde van deze aanpak

De wervingsmedewerker ging met gebruik van een praatplaat in gesprek met de ouders in de wachtruimte. Daardoor voelde het niet als een ‘overhoring’. Vaak knoopten ouders spontaan het gesprek aan omdat de praatplaat hun interesse wekte. Bovendien gaf het hen handvatten om te bedenken welke vragen zij kunnen stellen aan de jeugdverpleegkundige.

Zo ervaarde ook de medewerkers van het consultatiebureau dat ouders na de afspraak vaak nog ‘overgebleven’ vragen hebben. En dat zij adviezen soms toch niet zo goed begrijpen als wordt aangenomen.

Omdat er veel vragen werden gesteld rondom voorlezen, zoals ‘waarom is dat zo belangrijk?’ was dit het onderwerp van het eerste praktische aanbod. De ouders kregen hierdoor zin om te gaan voorlezen! Met dit aanbod bereikten we vooral de ouders die eigenlijk al naar taalles willen, maar daar geen tijd voor hebben.

Veel ouders hebben we daarnaast ter plaatse kunnen inschrijven bij het Taalhuis. Van de 109 bezoekende ouders op het consultatiebureau hebben we 25,7% laagtaalvaardige ouders kunnen signaleren én activeren. Gezien het landelijk percentage laaggeletterden 18% betreft, overstijgt dit onze verwachtingen.

Een handzame routekaart naar borging

Met dit onderzoek hebben we aangetoond dat een curatieve aanpak tegen laaggeletterdheid voor laagtaalvaardige ouders tegelijkertijd een preventieve aanpak is tegen mogelijke laaggeletterdheid bij kinderen. Het aanbieden van praktisch behoeftegericht aanbod is niet genoeg, we bereiken daar slechts een kleine groep mee. Een grote stap is echter al gezet op het moment dat taal bespreekbaar wordt gemaakt op een laagdrempelige wijze. De NT2-ers zijn vaak erg blij als iemand hen de weg kan wijzen. Omdat met name Nederlandstalige laaggeletterden relatief lastiger te bereiken zijn, hebben we een handzame routekaart gemaakt, als naslagwerk en voor overdracht aan andere consultatiebureaus. In deze routekaart vertellen we hoe de medewerkers van het consultatiebureau kunnen bijdragen aan het duurzaam oplossen van laaggeletterdheid binnen gezinnen. Zo kunnen we samen voorkomen dat laaggeletterdheid aan de volgende generatie wordt doorgegeven.

Meer weten?

Wil je het eindrapport en/of de routekaart ontvangen? Heb je vragen of opmerkingen aan de hand van het onderzoek of wil je weten wat Lost Lemon voor jouw organisatie kan betekenen? Neem dan contact op met Jenny Wildenbos via jennywildenbos@lostlemon.nl of 085 489 8888.

U bent hier